6 oktober 2026 – Producenten van voedingsmiddelen en retailers gebruiken uiteenlopende methoden en data voor het bepalen van de footprint. De daarop gebaseerde duurzaamheidsclaims van producten of ketens zijn door die verschillen niet met elkaar te vergelijken. Voor een goede marktwerking – en eerlijke concurrentie op basis van footprintcijfers – is daarom een eenduidige en betrouwbare methode essentieel. De partners van het Marktprogramma VDP nemen het voortouw met het agenderen van dit onderwerp, het stimuleren van samenwerking, onderzoek en passende communicatie voor dierlijke producten.
Het bepalen van de milieu-impact gebeurt met zogeheten LCA’s (life cycle analysis, levenscyclusanalyse). Dit zijn analyses van data die worden verzameld in de hele productiecyclus. De nadruk ligt nu nog vaak op de carbon footprint, maar er zijn meer duurzaamheidsindicatoren. Er wordt helaas nog geen internationale standaard hiervoor gehanteerd. Binnen de EU zijn wel richtlijnen ontwikkeld voor een eenduidige opzet, de zogeheten Product Environmental Footprint Category Rules (PEFCR). Toepassing van deze richtlijnen is de basis voor uniforme, wetenschappelijk onderbouwde en internationaal erkende LCA’s.
Op weg naar Europese standaard PEFCR
Het uitwerken van LCA’s met een PEFCR-status en het maken van afspraken voor het (internationale) gebruik ervan zijn kwesties van lange adem. Deze vragen per productcategorie inspanningen en betrokkenheid van marktpartijen en overheden in verschillende landen. Dat vergt een langdurig en grensoverschrijdend proces van agenderen, medestanders vinden, afstemmen van methoden en data en onderzoek doen. Zowel brancheorganisaties als overheden hebben hierin een rol.
Een probleem daarbij is dat er niet één centrale organisatie is die het beleid voor een internationaal gecoördineerde uitwerking bepaalt. Daarom hebben de partners van het Marktprogramma VDP via de Regiegroep PEFCR Dierlijke Producten het initiatief genomen. Ze willen bereiken dat op Europees niveau erkende PEFCR-methodes voor alle dierlijke producten worden ontwikkeld. De regiegroep zet onder meer in op onderzoek, kennisontwikkeling en het betrekken van beleidsmakers bij overheid en branches. Er is al een PEFCR uitgewerkt voor zuivel en diervoeders. Voor eieren, pluimveevlees, rundvlees, varkensvlees, geitenzuivel, schapen en kalfsvlees is het nog niet zo ver.
“We hebben in Nederland een prachtige uitgangspositie. Boeren en andere marktpartijen zijn gewend samen te werken in de keten en we hebben de infrastructuur voor het verzamelen van hoogwaardige data. Vanuit die positie kunnen we het voortouw nemen in Europa”, zegt ketenmanager Maurits Steverink van het Marktprogramma VDP. Hij is voorzitter van de regiegroep PEFCR, en vormt samen met Frank Gort (WUR) en Janne Mulders (ministerie van LVVN) het kernteam. De samenstelling van het kernteam geeft aan dat onderzoek en afstemming met beleid een hoge prioriteit hebben. “Wageningen UR heeft veel ervaring met onderzoek naar footprintmethoden en inzicht in de ontwikkelingen in binnen- en buitenland”, zegt Frank Gort. “Dat is onontbeerlijk voor een onafhankelijke wetenschappelijke onderbouwing van internationaal erkende LCA’s.”
Het ministerie van LVVN is betrokken via verschillende beleidsthema’s. “Binnen het ministerie hebben we een Werkgroep transparantie ingesteld, daarin bundelen we de krachten vanuit verschillende thema’s, om zo het politieke proces te stroomlijnen”, zegt Janne Mulders. In nauwe samenwerking met deze werkgroep werkt het Marktprogramma VDP aan een routeplan om te komen tot Europees uniform vastgestelde, transparante methoden voor alle dierlijke producten.
Via de website en de nieuwsbrief publiceert het marktprogramma regelmatig over nieuwe ontwikkelingen en onderzoek rond LCA’s. In februari 2026 werd een KetenKennisDialoog gewijd aan LCA’s.